Als er één partijleider in de Tweede Kamer dagelijks met frisse tegenzin opstaat, is het Jesse Klaver. De striemen van de fatale omklemming waarmee PvdA en GroenLinks elkaar in een wurggreep hielden tijdens de formatie van dit kabinet, schrijnen nog altijd. Uitgerekend nu zich een revolutie voltrekt in het beleid voor duurzaamheid als hoogste prioriteit in het overheidsbeleid, hielden hij en Lilianne Ploumen elkaar gevangen in een houdgreep als verkeerde remedie voor hun Calimero-syndroom.

Zoals Wopke Hoekstra zich bijna een jaar lang panisch vastklampte aan de borst van Mark Rutte, zo verstikkend was de panische omstrengeling ter linker zijde, een jaar geleden. Vooral Klaver maakte daarin een tragische misrekening, die hij diep van binnen nog altijd betreurt. Terwijl de vrijwillige gijzeling de PvdA al helemaal niets gebracht heeft, behalve een ongeruste partijflank die elk stapje richting een fusieproces met GL beschouwt als verraad aan de eigen, toch al zo treurig verwelkte roos.

Fier

Want wat was het mooi geweest als in deze regering naast VVD, D66 en CDA juist GroenLinks twee ministersposten had bezet, plus twee staatssecretariaten. Wat hadden ze fier schouder aan schouder kunnen staan, Sigrid Kaag, Rob Jetten en Jesse Klaver zelf, in hun hartstochtelijke passie voor duurzaamheid en ecologie. Uitgesloten was het geweest dat zelfs maar iemand binnen die gedroomde coalitie het zou wagen de grenzen van het regeerakkoord op te zoeken, door te morrelen aan de doelen voor stikstofreductie. Met hun gezamenlijke 32 zetels hadden GL en D66 een krachtige buffer gevormd tegenover het altijd loerende risico op muitende krachten in de spelonken van het CDA.

Nooit meer in het bestaan van GroenLinks zal er een kabinet zitten dat op een cruciaal scharniermoment in de tijd, van zulke beslissende invloed zal blijken te zijn op een dubbele transitie. Zowel van fossiel naar duurzaam, als – in het verlengde daarvan – van dierlijk naar plantaardig. Had GroenLinks daarbij aan de knoppen gezeten, dan was een bloeiende politieke toekomst als succesvolle bestuurspartij veilig gesteld. Klaver zou trots hebben verwezen naar hoeveel resultaat hij had bewerkt.

Grootmoedig

En wat zou de PvdA een goodwill hebben geïncasseerd als ze de grootsheid had opgebracht door tegen Klaver te zeggen: ‘We zijn onafscheidelijk, maar stap jij alsjeblieft in en haal er uit wat er in zit…!’ Het applaus, ook onder voormalige PvdA-kiezers, zou groot zijn geweest voor zo’n gebaar van zelfrelativering. Jezelf kunnen uitschakelen in het belang van die grote, gezamenlijke missie inzake milieubeleid en herstel van sociale gerechtigheid. De partij zou daarmee furore hebben gemaakt als grootmoedig wegbereider van het meest progressieve beleid sinds de jaren ’70, inclusief een minister voor armoedebeleid, topurgentie voor sociale woningbouw en een humaan asielbeleid. Een beloning bij de provinciale statenverkiezingen van 2023, zou de PvdA zonder twijfel ten deel zijn gevallen.

Maar het liep anders, doordat de bewustzijnsvernauwing bij Ploumen en Klaver gevoed werd door angst. Vanuit een gemankeerd zelfvertrouwen dat inmiddels zo broos is, dat ze zelfs niet meer hun eigen idealen met opgeheven hoofd durfden verdedigen in een formatieproces. Daarmee hebben ze niet alleen het mandaat van hun trouwste kiezers beschaamd, maar tevens hun natuurlijke bondgenoten binnen D66 in de kou laten staan.

Gedoofd

De dramatische misrekening die ze maakten zal de parlementaire geschiedenis in gaan als zeldzaam voorbeeld van hoe het afloopt wanneer het zelfbeeld zo fragiel is, dat je niet meer durft vertrouwen op eigen overtuigingskracht. Het resultaat is dat het heilig vuur van Klaver er door lijkt gedoofd en de veerkracht bij Ploumen verdampt, getuige haar mismoedige vertrek eerder dit jaar.

‘Kijk, kijk daar…!, daar naast haar, dat is mijn plek…!’ Die ontroerende woorden sprak prins Claus ooit, toen hij kijkend naar een tv-toestel wees naar haar, zijn vrouw Beatrix. En zo knaagt vandaag in elke ademtocht van Klaver diepe spijt voor zijn grote vergissing. Er stopte een trein voor hem, maar angstig hield hij de boot af. En dus klinkt elke dag opnieuw dat piepstemmetje in Jesse’s hoofd dat zegt: ‘Zie, daar…!, daar naast Sigrid en Rob, dat is mijn plek…!’

Tekst: Herbert van Weerdenburg

Copyright 2022 © Huis van Verwondering