Meer dan ooit, stond het vieren van Kerstmis dit jaar bij veel mensen in het teken van bezinning, , troost en dankbaarheid. Bezinning op vragen als wat ten diepste blijvend van waarde is, als er factoren zijn die ons beperken. Waardoor de vrijheid in bewegen die er altijd was, eens even wat minder vanzelfsprekend is. Troost dat het heilige moeten onder invloed van allerlei persoonlijke wensen, doelen en ambities, dit jaar een tandje minder mocht. Zonder dat we daardoor minder mens werden. Misschien zelfs de gewaarwording dat er juist daardoor ineens ruimte bleek voor groei in onze menselijkheid. En dankbaarheid, omdat we ondanks de grote impact die het afgelopen jaar met zich mee bracht nog steeds kunnen ademen, zingen en leven.

Betekenis

Als er iets veranderd is afgelopen jaar, dan is het wel een verschuiving in het perspectief op de waarde en betekenis van menselijke relaties. Ook voor die tijd kende iedereen wel iemand die bijvoorbeeld na het overlijden van een partner alleen probeerde zijn of haar leven opnieuw vorm te geven. Zeker bestond er compassie met hen, altijd al. Maar pas door de indringende beperkingen van het afgelopen jaar, werd hun sociaal isolement niet alleen scherper zichtbaar maar vooral ook beter invoelbaar. Bij velen onder ons versterkte het de gewaarwording hoezeer we als mens elkaar nodig hebben. Sterker nog, dat het leven vooral betekenis krijgt naar gelang we ons verbonden weten met elkaar.

Niemandsland….

Meer nog dan andere jaren scheppen de dagen tussen Kerst en Nieuwjaarsdag momenteel een soort innerlijk niemandsland. Het is op gevoelsniveau alsof het tempo waarin de dingen zich normaliter voltrekken sterk vertraagt, in deze laatste ogenblikken van een voltooid jaar. Alles wat voorbij kwam in 2020 en impact op ons had, passeert nog eens de revue. Tenminste, als daar tijd en aandacht voor is. – Wat was goed en gaf ons voldoening of vreugde? – Wat voltrok zich anders dat we gehoopt of voorzien hadden? – Waar haalden we het beste uit onszelf op zo’n manier dat ook een ander daarvan kon mee genieten? – En op welke ervaringen kijken we terug met een gevoel van verdriet of spijt. Allemaal vragen die zich in deze stille tijd van het jaar kunnen aandienen voor reflectie. Het is belangrijk om alle ruimte te maken die daar voor nodig is.

Ontreddering

Door de beperkingen van het afgelopen jaar heb ik meer dan eens moeten denken aan de oorlogsjaren. Die ikzelf gelukkig niet heb mee gemaakt, maar alleen ken vanuit boeken en verhalen van de generatie voor me. De beperkingen van toen gingen oneindig veel verder dan die we nu kennen. Waarbij schaarste aan voeding en de meest noodzakelijke middelen voor levensonderhoud maar liefst vijf jaar lang op de voorgrond stonden. Daarnaast was er een volledig gebrek aan vrijheid van meningsuiting en mogelijkheden om de eigen individualiteit uit te drukken. Mensen leefden niet alleen in grote angst, zorg en ontreddering. Maar ook zonder een besef van tijd over hoe lang die vreselijke situatie nog kon duren. Het is goed ons te realiseren dat de huidige beperkingen vergeleken met die tijd relatief maar weinig voorstellen. Alleen mensen die deze episode van langdurig afzien nog bewust hebben mee gemaakt, kunnen dat invoelen. Zoals juist zij ook nu gemakkelijker dankbaarheid kunnen voelen voor alles wat nog wel mogelijk is.

Twee fasen

Iedere crisis van formaat, kent altijd twee fasen. Zowel als het gaat om crises waar mensen individueel door heen gaan, als op collectief niveau. Aan de ene kant is er verlies van wat altijd vanzelfsprekend aanwezig was. Hetgeen meestal leidt tot gevoelens van angst, pijn en ontreddering. Treurnis en gemis ook, om wat was en (tijdelijk) niet meer beschikbaar is. Anderzijds brengt elke crisis ook altijd kansen met zich mee op verdieping. Waarin een begin van ontvankelijkheid ontstaat voor wat er wezenlijk toe doet, wanneer de vanzelfsprekendheid van comfort of menselijke relaties is geweken. Die ontvankelijkheid kan alleen ontstaan wanneer we daar bewust voor open staan. En in staat zijn echt te kijken naar wat die crisis ons eigenlijk te vertellen heeft. Anders gezegd, welke lessen en antwoorden we daaruit voor onszelf kunnen halen. Lukt dat niet, dan blijven we vaak hangen in gevoelens van tekort, frustratie en zelfbeklag.

Heldere ogen

Zo zal het ook nu weer gaan met de collectieve crisis en de individuele impact daarvan op mensen. Doorgaans is het pas achteraf mogelijk om met heldere ogen te kunnen zien wat een crisis ons precies gekost en gebracht heeft. Eenmaal 365 dagen verder in de tijd zullen we opnieuw aanwezig zijn in die bijzondere niemandsdagen voordat ook dan een nieuw jaar aanbreekt. En zal ieder van ons die vraag voor zichzelf kunnen beantwoorden. Laten we er op vertrouwen dat ook deze crisis uiteindelijk teweeg zal brengen waar het in een mensenleven werkelijk om gaat. Namelijk groeien in Lichtkracht, en groeien in Liefdekracht.
Bij dat Licht gaat het om ons vermogen om vanuit innerlijke wijsheid te kunnen zien. En bij Liefdekracht draait alles om het onuitputtelijke menselijke vermogen om de ander werkelijk lief te hebben. Dat is de energie van het Hart, waarin elke beperking uiteindelijk moeiteloos oplost.

Tekst: Herbert van Weerdenburg