Afgelopen week ontmoette ik een goede vriendin, die ik helaas al drie jaar niet meer had gezien of gesproken. Het was druk in de brasserie van een hotel in Friesland, waar we hadden afgesproken. Veel uitgehongerde mannen, bevolkten gretig lunchend de ruimte. Eigenlijk leek het meer op schaften, zeker gelet op de luidruchtigheid waarmee het middagmaal kordaat naar binnen werd gewerkt. Flarden van zakelijke gesprekken, schaatsen, voetbal en andere typische intressegebieden kwamen voorbij. Slechts een enkele vrouw had behoedzaam plaats genomen achter haar laptop, in deze opvallend masculiene sfeer.

Rond de afgesproken tijd stond ineens Greta voor me. Na een hartelijke begroeting, namen we plaats aan een tafeltje, temidden van al die bunkerende mannen. Wijzelf beperkten ons bewust tot koffie en thee, want er zijn situaties waarin zoveel te bespreken valt, dat tegelijk ook nog lunchen alleen al logisitiek gezien storend werkt. Omdat we meteen op gingen in alles wat nodig moest worden gedeeld, viel de luidruchtigheid gelukkig steeds meer weg als achtergrondruis. Daarbij was het geen dag waarop uitgegeten mannen nog gezellig blijven natafelen, dus dat scheelde ook.

Cadeautje

Nadat we onze zieleroerselen geruime tijd met elkaar hadden gedeeld, keek ik eens even hoe laat het inmiddels was. Want later die middag had ik nog een afspraak in dezelfde stad. “Helemaal niet erg”, zei Greta, “ik heb ook niet de hele middag. Straks moet ik nog ergens een boek ophalen.” En ze vertelde precies hoe dat zat. Omdat ze iemand wilde verrassen met een cadeautje, was ze op zoek gegaan naar een specifiek, Fries kinderboekje. Maar waar ze ook zocht, het was nergens meer verkrijgbaar. En dus was ze uiteindelijk op het idee gekomen om de stoute schoenen aan te trekken, en contact op te nemen met de schrijfster. In de hoop dat die heel misschien nog een exemplaar zou hebben van het bewuste boek.

Goede wil

Tot haar verwondering had die positief gereageerd op haar mailtje. Maar aangezien Greta het boek eigenlijk direct nodig had om cadeau te doen, en de schrijfster deze week op vakantie was, moest daar iets op worden gevonden. Gelukkig had ze kunnen regelen dat haar dochter het boek op een afgesproken tijd zou overhandigen. Natuurlijk was Greta verrast en gelukkig met zoveel goede wil van de kant van de schrijfster. “Ken jij haar?”, vroeg ze. “Zeker ken ik haar”, antwoordde ik. “Ze is mijn beste vriendin. Sterker nog”, voegde ik er ongevraagd aan toe, “ik heb straks een afspraak met haar dochter.”

Zelden heb ik grotere verbazing gezien in de ogen van een vrouw.  “Maar dat kan toch niet waar zijn….!”, riep ze uit. Want ik ga straks bij haar dochter dat boek ophalen. En nu blijkt dat jij daar ook naar toe gaat…?!” Ik knikte lachend.

Ontsteltenis…

Greta wist even niet goed meer hoe ze het had, en keek me aan met grote ogen van verbijstering. “Maar dat kan toch helemaal niet…?! Dat wij straks in precies datzelfde huis moeten zijn! Dat is toch gewoon onvoorstelbaar…?!!”, riep ze vertwijfeld uit. Haar verbijstering maakte plaats voor oprechte ontsteltenis en emotie. En temidden van al die masculiene energie in de brasserie, liepen haar ogen vol met tranen.

Eerlijk gezegd raakte haar emotie me sterker dan de absoluut frappante synchroniciteit. Of telepathie, want dat kon natuurlijk ook, overwoog ik. Gelet op haar hoog sensitiviteit en de mijne, was het zeker mogelijk dat ze mijn gedachten had opgepikt over het huis en de naam van de dochter, met wie ik straks een afspraak had. Want het is een groot misverstand dat telepathie uitsluitend op afstand plaats vindt. Ook tijdens verbale communicatie, resoneert de telepatische overdracht van woorden en beelden vrolijk mee.

Nadat Greta een beetje van haar ergste ontsteltenis was bekomen, en ik me realiseerde dat het dit keer niet ging om telepathie, stelden we samen vast hoe indringend synchroniciteit soms kan zijn. Bijna schokkend zelfs. Maar altijd verrassend en amusant.

Onzichtbaar

Veel, vooral rationeel levende mensen denken nog altijd dat alles in hun leven berust op volstrekt toeval. In hun ogen heeft niets met elkaar te maken, tenzij het wetenschappelijk is aangetoond. Maar voor wie er een klein beetje oog voor heeft, is duidelijk dat veel minder dingen puur toevallig gebeuren, dan op het eerste gezicht lijkt. Om ons heen, maar onzichtbaar voor onze aardse ogen, bestaat nog een hele andere werkelijkheid. Eentje waarin heel andere wetten gelden dan in de drie-dimensionale realiteit waarmee wij van kinds af aan vertrouwd zijn geraakt.

Hoe prachtig kan het leven zijn, wanneer we onze ogen gewoon durven openen voor die geheimzinnige werkelijkheid. Zodat we ontvankelijk worden voor de stille werkzaamheid van die andere dimensie in ons dagelijks leven. Zeker, dat vraagt om een andere geesteshouding. Maar wel eentje die ons leven zoveel rijker en boeiender maakt. Het vraagt ook afstemming op een andere manier van kijken. Waarbij het in essentie om slechts één ding gaat. Verwondering in dankbaarheid.

Herbert