De geboorte van elk nieuw jaar brengt in ons land wel een thema teweeg, waarmee de eerste dagen van januari kleur krijgen. Bij voorkeur iets dat nog even de herinnering levend houdt van een typisch gevoel dat ons sinds de Kerstdagen kan vergezellen. Een innerlijk besef dat we deel uit maken van een groter geheel. Niet alleen binnen gezinsverbanden of families, maar ook van een dorp, een stad, een regio. Of zelfs van een land. Het is een bewustzijn dat ons er aan herinnert dat ondanks alle verschillen tussen mensen, en bij alle nadruk op individualiteit, we uiteindelijk toch samen leven in één land. Een weten dat er altijd dingen zullen zijn die iedereen met elkaar verbindt, ongeacht alles waarmee we ons van elkaar onderscheiden.

De mooiste preludes op het nieuwe jaar leiden vaak tot een glimlach. Een gevoel van: “Oh ja…, dat waren we bijna vergeten…; maar dat is ook zo!” Dit jaar is het openingsthema een ongekend royale gift van de Zee. Maar liefst 277 containers kukelden in zwaar weer zomaar van boord van een gigantisch zeeschip. En drapeerden hun inhoud gul op de stranden van onze geliefde Waddeneilanden. Het nationale symbool van kwetsbaarheid, dat door iedereen erkend en gekoesterd wordt. Vroeger, in de dagen van Sil de Standjutter, gebeurde dit om de haverklap. Maar in een tijdperk waarin alles is op te lossen met feilloze techniek, is het zeldzaam dat de zee zo ruimhartig trakteert.

Anders

De containers zaten boordevol welvaart. Import- en exportproducten voor en van Europese landen. Technisch is het eenvoudig ze vast te zetten, zodat wat aan boord is ook aan boord blijft. Maar door extreme schaalvergroting in de maritieme transportsector, is daar geen tijd meer voor tijdens het laden in grote havens, zoals Rotterdam en Bremen. Meestal loopt het wel los en blijft de lading netjes aan boord balanceren van het schip, ook als het een beetje waait. Maar dit keer, in de afterparty van Nieuw Jaar, besloot de wind anders.

Het journaal projecteerde beelden waar het zelf niet goed raad mee wist. Waren de waddeneilenaden ontsnapt aan een bijna-ramp…?! Of kwam dit onschuldige volksvermaak, precies op het juiste moment. In de luwe dagen na Oud en Nieuw… en vlak voor iedereen weer op gaat in drukke agenda’s, strakke schema’s, en jachtige hectiek. De media hinkten op twee gedachten. Was dit nu een vloek, of misschien toch meer een zegen? Ze kregen het antwoord op deze vraag maar niet helder in beeld. Maar hoeveel cameraploegen met straalzenders er ook neer streken op de eilanden, en hoeveel ernstige vragen ook gesteld werden, de opgeruimde gezichten van de eilanders konden niet verbloemen dat het voor hen allemaal dik in orde was. Alles onder controle, niets aan de hand. Wij kennen de zee, dus laat ons er maar rustig mee geworden.

Genetisch

Daarnaast ontstond iets bemoedigends, waar Nederlanders van nature sterk in zijn. Het kenmerkt dit land, dat genetisch nooit vergeten is dat haar voorvaderen eeuwen lang gevochten hebben tegen de elementen. Een plotseling saamhorigheidsgevoel. Iedereen die kon, van jong tot oud, wilde graag komen helpen met opruimen. Vanuit een ontwapenend collectief bewustzijn dat vlak na Kerst fluisterde: JA, laten we elkaar vooral helpen…! Hoe sympathiek bedoeld ook, maar voor de eilanders was het eigenlijk niet nodig. In tegendeel. Zij leven echt niet meer in het stenen tijdperk, en zijn wel ergere dingen gewend. Zoals hoog water. Of storm, waardoor hun veerboten niet meer kunnen varen. Of zoals een vloedgolf van tienduizenden toeristen, die elke zomer hun stranden overspoelt, op zoek naar verkoeling.

Het deed me onwillkeurig denken aan die uitzonderlijk strenge winter van 1979. Want dat was er eentje om nooit meer te vergeten. Een lange vorstperiode, gekoppeld aan uitzonderlijk zware sneeuwval, waardoor metershoge sneeuwduinen ontstonden. Muren van sneeuw, waar geen doorkomen aan was. Vooral in Friesland leidde dit tot grote problemen voor boeren, bedrijven, vrachtwagens, treinen en bussen. Veel kinderen van toen zullen zich nog herinneren, dat ze bijna een week niet naar school hoefden, omdat de meeste busverbindingen waren uitgevallen. En het niet vertrouwd was op de fiets te gaan.

Schouder aan schouder…

Ook toen was er een ongekend saamhorigheidsgevoel. Iedereen was bereid elkaar te helpen. Wildvreemden van elkaar stonden schouder aan schouder te scheppen om de overdadige sneeuw te helpen ruimen. Of om gestrandde automobilisten met vereende krachten uit te graven. Een zeldzaam, warm gevoel van onderlinge solidariteit en behulpzaamheid, dat werd aangeblazen door een ijskoude oosten wind, in die onvergetelijke winter.

Het is precies 40 jaar later, en hartverwarmend om te zien hoe mensen in deze tijd van “ieder voor zich”, van het ene op het andere moment in staat blijken om samen op te trekken, elkaar te hulp te komen. Natuurlijk, alleen als de situatie daarom vraagt. De overvloedige gift van de zee bij aanvang van 2019 helpt ons even herinneren hoe dit land ooit zo ver is gekomen in zijn ontwikkeling. Juist dankzij die saamhorigheid van een eigenzinnig volk. In goede maar vooral ook in slechte tijden.

Met dank aan de rederij, die een bescheiden prijs betaalt voor een macabere schaalvergroting, die alle perken te buiten gaat. En die daarom zonder morren alle kosten van deze toegift op de feestelijkheden van december voor haar rekening zal nemen.

Alle Goeds voor dit prachtige, nieuwe jaar…!